Transportbanden in explosieve omgevingen – ATEX richtlijn

Geschreven door op 23-07-2015 in Voedselveiligheid en regelgeving - Geen reacties

Een belangrijk aandachtspunt in de industrie is veiligheid. Dit kan zijn op het gebied van voedselveiligheid, brandveiligheid of REACH. In sommige processen kan ook de ATEX richtlijn een belangrijke rol spelen.

ATEX richtlijn

ATEX staat voor ATmosphere EXplosive en is een Europese richtlijn op het gebied van explosiegevaar onder atmosferische omstandigheden. Het doel van de richtlijn is een veilige omgeving creëren waar explosiegevaar een rol speelt.

De ATEX richtlijn is van toepassing op een elektrisch apparaat als geheel. Een onderdeel, bijvoorbeeld de transportband, is geen elektrisch apparaat en kan dus zelf niet ATEX-gecertificeerd zijn. De conveyor als geheel kan wel (of niet) voldoen aan de ATEX richtlijn. Een transportband kan wel het verschil maken of de conveyor voldoet aan de richtlijn.

Kans op een explosie

Tijdens een productieproces of transport kan er explosief gas of stof ontstaan. Denk hierbij aan bijvoorbeeld (zet-) meeltransport, alcohol botteling, vuurwerk/munitie fabricage etc. In dergelijke omgevingen mogen er geen hoge temperaturen of vonken ontstaan. Vonken kunnen ontstaan door statische ontlading. Dit kan gebeuren door een combinatie van een niet goed geaarde conveyor in combinatie met een niet geaarde transportband, meestal in een droge omgeving.

Een kans op explosie is per omgeving verschillend. De omgevingen zijn op te delen in verschillende zones zoals te zien in onderstaande tabel (bron):

Transportbanden_ATEX regelgeving

Habasit transportbanden met conformiteitsverklaring

Om transportbanden geschikt te maken voor explosieve omgevingen worden ze uitgevoerd met geleidende draden. Dit zorgt ervoor dat de band meteen wordt ontladen waardoor er geen vonk kan ontstaan.

Habasit transportbanden EMB-12EMCH, ENB-12ERCH, EMB-20EMCH en ENA-151AEBH zijn uitvoerig getest en hebben een officiële conformiteitsverklaring waarin staat dat ze toegepast mogen worden op installaties in zone 1, 2, 20, 21 en 22.

Daarbij moeten nog wel enkele voorwaarden in acht worden genomen, zoals een maximale snelheid van 5 M/S en de installatie moet correct zijn uitgevoerd. Een incorrecte installatie kan bijvoorbeeld voor slip zorgen wat een statische lading kan opwekken.

Meer algemene informatie over de ATEX richtlijn kunt u hier lezen.

Over de auteur

Thijs Mellema, allround application Engineer bij Habasit. Sinds het afronden van de opleidingen Industrieel Product Ontwerpen en Technische bedrijfskunde heb ik mij altijd op het commercieel-technische vlak begeven. Ook bij Habasit houdt ik mij bezig met het oplossen van technische vraagstukken waarbij we ons inleven in onze klant. Verder ondersteunen we onze Account Managers bij zeer uiteenlopende projecten, wat deze baan afwisselend en uitdagend maakt.

Plaats een reactie